Tegenstrijdig belang bestuurder en persoonlijke aansprakelijkheid

Elke bestuurder is tegenover de rechtspersoon gehouden tot een behoorlijke vervulling van zijn taak. In dat kader dient elke bestuurder zich te richten naar het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Het kan echter voorkomen dat een bestuurder bij een bepaalde transactie een (in)direct persoonlijk belang heeft dat strijdt met het belang van de vennootschap. Er is dan sprake van een tegenstrijdig belang. Wat kan, mag of moet de betreffende bestuurder in dat geval doen?

  1. De betreffende bestuurder dient aan zijn medebestuurders het tegenstrijdig belang te melden.
  2. Vervolgens mag hij niet deelnemen aan de beraadslaging en besluitvorming over het onderwerp waarbij hij een tegenstrijdig belang heeft. Concreet: De bestuurder met tegenstrijdig belang moet de vergadering verlaten.

Maar wat als alle bestuurders tegenstrijdig belang hebben, of – wat vaak in de praktijk voorkomt – er maar één bestuurder is?

  1. Het besluit moet worden genomen door de raad van commissarissen.
  2. Als dat ook niet mogelijk is (bijvoorbeeld een raad van commissarissen ontbreekt binnen de vennootschap), dan besluit de algemene vergadering van aandeelhouders.

En wat als de bestuurder enig bestuurder en aandeelhouder is binnen de vennootschap?

  1. Het is dan aan te raden om eerst extern deskundig advies in te winnen alvorens te besluiten om de onderhavige transactie aan te gaan.

Ook hier geldt: de statuten kunnen anders bepalen, dus kijk altijd eerst wat daar in staat. Let wel: De regeling inzake het tegenstrijdig belang mag in beginsel niet meer worden weggeschreven in de statuten.

Sancties

Als in strijd met de regels van het tegenstrijdig belang toch een besluit is genomen, dan is het genomen besluit vernietigbaar. Eenieder die een redelijk belang heeft, kan een vernietigingsvordering instellen tegen de vennootschap (bijvoorbeeld de aandeelhouders). Als het besluit echter inmiddels al is uitgevoerd, dan is dit niet meer mogelijk (Let op! Na één jaar verjaart al de mogelijkheid tot vernietiging). Staat de belanghebbende dan met lege handen? Nee.

De bestuurder met tegenstrijdig belang riskeert namelijk persoonlijke aansprakelijkheid. Hetzelfde geldt ook voor de overige bestuurders die niet of onjuist hebben ingegrepen indien zij van het bestaan van het tegenstrijdig belang op de hoogte waren.

Ben dus als bestuurder op je hoede bij het nemen van bestuursbesluiten en schakel desnoods een externe deskundige in.

WeDo Advocaten is graag bereid u verder te informeren en u desgewenst juridisch te begeleiden met betrekking tot dit onderwerp.

Borgtocht

Om er zeker van te zijn dat  een overeenkomst wordt nagekomen, worden er vaak zekerheden bedongen: dit kunnen zakelijke zekerheden zijn (waaronder een hypotheekrecht op een woning of een pandrecht op voorraden) of persoonlijke zekerheden (waaronder de borgtocht).

We gaan hieronder nader in op  de borgtocht, ook wel de borgstelling genoemd.

Borgtocht is een overeenkomst waarbij iemand (‘de borg’) zich borg stelt voor de nakoming van een verbintenis van een ander.

Ter illustratie een voorbeeld uit  de praktijk: De bank verstrekt een krediet aan een rechtspersoon. De bestuurder of aandeelhouder(s) van de rechtspersoon stellen zich in privé borg. In het geval de rechtspersoon het krediet niet overeenkomstig de gemaakte afspraken terugbetaalt, kan de bank  het onbetaalde bedrag rechtstreeks innen bij de borg, dus  bij de bestuurder of aandeelhouder(s).

Zakelijke en persoonlijke borgtochten

Er zijn twee soorten borgtochten: de zakelijke borgtocht (de borgtocht wordt aangegaan in de uitoefening van een beroep of bedrijf) en de particuliere borgtocht (de borgtocht met een natuurlijk persoon).

Bij een zakelijke borgtocht worden geen eisen gesteld waaraan de overeenkomst moet voldoen. Deze kan zowel mondeling als schriftelijk worden aangegaan. Het geniet uiteraard altijd de voorkeur om dergelijke afspraken op schrift te stellen zodat er achteraf geen bewijsproblemen ontstaan.

De particuliere borgtocht dient  schriftelijk te worden aangegaan. Is dat niet het geval, dan is de borgtocht nietig. Bovendien geldt  in bepaalde gevallen dat er  toestemming van een derde is vereist.

Toestemming echtgenoot

Wanneer een gehuwd persoon (of geregistreerd partner) zich persoonlijk verbindt als borg is in principe toestemming van de andere echtgenoot/geregistreerd partner nodig. De reden hiervan is dat de overeenkomst van borgtocht niet alleen risico`s voor de borg, maar ook voor diens echtgenoot en het gezin met zich brengt.

Indien een persoon zich als borg verbindt zonder toestemming van zijn echtgenoot/geregistreerd partner, dan is de borgtocht vernietigbaar. Deze vernietiging kan alleen door de echtgenoot/geregistreerd partner worden ingeroepen. Slaagt het beroep op vernietiging, dan wordt de borgtocht geacht nooit te hebben bestaan. De geldverstrekker kan de borg dan dus niet tot betaling aanspreken.

Uitzondering op toestemmingsvereiste

Het vereiste van toestemming van de echtgenoot/geregistreerd partner geldt niet indien de borgtocht wordt aangegaan in de normale uitoefening van het bedrijf (oftewel een zakelijke borgtocht). Dit geldt meer in het bijzonder indien een directeur-grootaandeelhouder (een “DGA”) van een B.V. of N.V. in die hoedanigheid een borgstelling aangaat.

Wat wordt verstaan onder ‘ten behoeve van de normale bedrijfsuitoefening’ is echter niet eenduidig en hangt af van de omstandigheden van het geval.

Als een B.V. een krediet bij een bank opneemt ter financiering van de bedrijfsactiviteiten, en de DGA zich hiervoor borg stelt, zal doorgaans aan het criterium zijn voldaan.

In de rechtspraak is hetzelfde geoordeeld over een gebruikelijk rekening-courantkrediet en een lening ter verruiming van het werkkapitaal. Stelt de DGA zich borg voor dergelijke kredieten, dan lijkt toestemming van de echtgenoot in beginsel dus niet nodig.

Voorbeelden uit de rechtspraak waarbij de toestemming van de echtgenoot wel nodig was;

1. De verhoging van een krediet ten behoeve van een sterke uitbreiding van de bedrijfsactiviteiten;

2. De omzetting van een bestaand krediet waarbij zekerheden werden vervangen door een borgtocht;

3. Een geldlening om de B.V. in staat te stellen de door een derde partij verschuldigde lonen en onkostenvergoedingen voor te schieten.

In deze gevallen konden de verstrekte borgtochten rechtsgeldig door de echtgenoot worden vernietigd. Maar ook hier geldt dat de concrete omstandigheden van het geval doorslaggevend waren bij de toewijzing van de vernietiging.

Van belang blijft dus om bij een – voorgenomen – borgstelling onder meer na te gaan of toestemming van de echtgenoot/geregistreerd partner vereist is.

WeDo Advocaten is graag bereid u hierover nader te informeren.

De AVG en foto’s/beeldopnamen in de openbare ruimte

Voor een verwerking (lees in dit kader: ‘gebruik’) van persoonsgegevens is krachtens de Algemene Verordening Gegevensbescherming (de ‘AVG’) een grondslag vereist (artikel 6 AVG).

Hoe zit het met publicatie van evenementfoto’s en foto’s/beelden gemaakt op openbare plaatsen?

Algemeen

Onder de AVG bestaan twee groepen persoonsgegevens: ‘reguliere’ en ‘bijzondere’ categorieën persoonsgegevens. Voor deze laatste categorie geldt een zwaarder regime. Verwerking daarvan is kort gezegd verboden tenzij hiervoor expliciet toestemming is gegeven of er een specifieke wettelijke uitzondering bestaat.

Op een foto/beeldopname zijn de fysieke kenmerken van personen zichtbaar. Strikt genomen zouden foto’s hierdoor altijd aangemerkt moeten worden als bijzondere persoonsgegevens.

Dat leidt echter tot een groot probleem omdat meestal van een specifieke wettelijke uitzondering geen sprake is, waardoor foto’s/beeldopnamen alleen verwerkt zouden mogen worden op basis van uitdrukkelijke toestemming.

Bij beelden waar talloze personen zichtbaar zijn, is dat feitelijk onmogelijk.

Het publiceren van foto’s van een evenement wordt dus al gauw risicovol.

Indien het een vergaande inspanning zou vergen om willekeurige personen op (de achtergrond van) een foto/beeldopname te identificeren, zou nog het standpunt ingenomen kunnen worden dat er geen sprake is van een persoonsgegeven en dat de AVG dus niet van toepassing is. De publicatie van een dergelijke foto/beeldopname zou dan ook mogen plaatsvinden zonder grondslag.

Gezien de steeds betere beschikbaarheid van gezichtsherkenningstechnieken zal dit standpunt steeds moeilijker te handhaven zijn.

Journalistieke doeleinden

Voor een verwerking van foto’s voor uitsluitend journalistieke doeleinden geldt onder de AVG een lichter regime. Er is in dat geval geen aanvullende grondslag nodig voor de verwerking van bijzondere categorieën persoonsgegevens; de artikelen 9 en 10 AVG (die hier op zien) zijn niet van toepassing.

Wel blijft gelden dat er sprake dient te zijn van een grondslag voor verwerking. Artikel 6 AVG blijft ook hier van toepassing. Vaak kan dan op basis van vrijheid van meningsuiting of vrije nieuwsvergaring een beroep worden gedaan op een gerechtvaardigd belang.

Of het (online) publiceren van evenementfoto’s en foto’s genomen op openbare plaatsen valt aan te merken als ‘een verwerking voor uitsluitend journalistieke doeleinden’ zal afhankelijk zijn van de omstandigheden van het geval. De Hoge Raad heeft in dit kader al in 2008  (ECLI:NL:HR:2008:BB3210 Van Gasteren-Hemelrijk) bepaald dat de publicatie van een open brief op het internet op een persoonlijke website, gericht op een breed publiek, in het algemeen belang kan zijn, waarmee het gerechtvaardigd is om een dergelijke publicatie op één lijn te stellen met een perspublicatie.

Cameratoezicht

De Autoriteit Persoonsgegevens (de ‘AP’) stelt op haar website dat in de meeste gevallen toestemming nodig is om persoonsgegevens te plaatsen op internet.

Aan de andere kant stelt de AP in haar Beleidsregels Cameratoezicht dat foto’s niet per definitie dienen te worden aangemerkt als gevoelige gegevens en dat foto’s verwerkt kunnen worden op grondslagen zoals een gerechtvaardigd belang.

Wanneer de foto’s geen identificatie als doel hebben, zijn deze volgens de AP aan te merken als ‘reguliere’ persoonsgegevens.

Recentelijk heeft de AP in dit kader in een zaak tussen de eigenaar van bedrijfspanden en omwonenden beslist dat dat de eigenaar zijn eigendommen mag beveiligen met camera’s. Daarbij heeft de AP de belangen van de omwonenden (privacy) afgewogen tegen de belangen van de eigenaar van de panden (bescherming eigendommen).

De eigenaar heeft volgens de AP een gerechtvaardigd belang bij het toepassen van het cameratoezicht.

  

Conclusie
Het publiceren van foto’s/beeldopnamen waarop personen herkenbaar zijn (afgebeeld), is niet zonder risico onder de AVG.

Zolang foto’s als ‘reguliere’ persoonsgegevens worden gezien omdat ze geen identificatie tot doel hebben, is  het niet aannemelijk dat de AP snel boetes zal opleggen.

Indien het maken van foto’s/beeldopnamen noodzakelijk is voor de behartiging van een gerechtvaardigd belang, is dit toegestaan, behalve wanneer de belangen of grondrechten van de betrokkene(n) zwaarder wegen.

Mocht u vragen hebben over dit onderwerp, neem dan contact met ons op.

Het opschorten van verplichtingen uit een overeenkomst: een effectief middel tegen nalatige partijen

Stel u hebt met een contractspartij een afspraak gemaakt en hij komt zijn verplichtingen niet na. Wat kunt u dan doen?

Een tweetal voorbeelden:

  1. U bestelt 50 broeken bij een fabrikant. De fabrikant levert slechts 25 broeken, maar brengt wel meteen alle 50 broeken in rekening. Bent u dan verplicht om die factuur te voldoen?
  2. Of omgekeerd: U bent de fabrikant en een vaste afnemer bestelt opnieuw 50 broeken, maar die afnemer heeft diverse facturen (waarvan de betalingstermijn al is verstreken) nog steeds niet betaald. Bent u dan verplicht om die 50 broeken te leveren?

Het antwoord op beide vragen is in beginsel: nee. Op grond van de wet mag u namelijk in bepaalde gevallen uw verplichtingen jegens de wederpartij uitstellen totdat laatstgenoemde aan zijn verplichtingen heeft voldaan. Juridisch heet dit opschorten. Om rechtsgeldig te mogen opschorten dient u wel aan een aantal eisen te voldoen:

  • Er is sprake van een opeisbare vordering op de wederpartij (bijv. de afgesproken betalings- of leveringstermijn is verlopen);
  • Er bestaat samenhang tussen de opeisbare vordering en uw eigen verplichting tot nakoming van de overeenkomst (dit betekent dat de vordering en verplichting voortvloeien uit dezelfde of een soortgelijke overeenkomst met de wederpartij);
  • Proportionaliteit (dit betekent in voorbeeld 1 dat de betaling van de factuur voor maximaal 50% = 25 broeken mag worden uitgesteld, omdat de wederpartij zijn verplichting ook maar voor de helft niet is nagekomen, de factuur helemaal niet betalen is niet proportioneel en dus niet toegestaan);
  • Redelijkheid- en billijkheidstoets (bijv. in sommige gevallen dient jegens de wederpartij vooraf mededeling te worden gedaan van de opschorting en de reden daarvan).

Tip: Controleer wel of de bevoegdheid tot opschorting is ingeperkt dan wel uitgesloten in de overeenkomst of algemene voorwaarden met de wederpartij. Schort u op desondanks op, dan kunt u namelijk aansprakelijk worden gesteld voor de schade die de wederpartij hierdoor lijdt.

Vanzelfsprekend zijn wij graag bereid u verder te informeren en u desgewenst juridisch te begeleiden. Neem in dat geval contact met ons op.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten